Maandelijks archief: mei 2011

van ridders en vieze beesten

Als ik de dochter ga ophalen bij de dagmoeder blijkt ze op haar kuiten verschillende beten te hebben. “Moh ja” roept de dagmoeder “en ziet hier lijk nog van in’t gras te spelen zeker der zat daar zeker een beest”

op dat moment zelf zegt de dochter nog niets daarmee wacht ze wijselijk tot we in de auto zitten dan weergalmt haar schrille stem beter. “heeften vieze beest gebijt en da mag ni hé stoute stoute vieze beest” roept ze voor 100duizend man.

Of de zoon-nummer-1 gewoon genoeg heeft van haar lawaai of dat hij echt zijn kleine zus in bescherming neemt ik weet het niet maar plots klinkt er zeer gedecideerd “Je moet ni bang zijn hoor, ik ga dat stoute stoute vieze beest dood doen voor jou”

“echt waar” vraagt de dochter en de afgoderij druipt van haar stem

“ja” doet de zoon-nummer-1 er nog een schepje bovenop “en ik ga erop STAMPEN en op KLOPPEN en ik pak een STOK en dan doe ik KLOP en BOENK op zijn hoofd en dan kan hij jou niet meer bijten”

“OHHHH” klinkt er uit de andere autostoel en ik voel gewoon dat haar oogjes de vorm aan nemen van japanse tekenfilmfiguurtjes “JIJ bent een RIDDER”

en de zoon-nummer-1 twijfelt nog even maar zegt dan zonder enige schroom “Euhm jah ik bent een ritter”

daar gaat ze dan

Ze wilt zo graag groot zijn en we vergeten zo vaak hoe klein ze feitelijk nog is. Ze babbelt als een grote en legt het uit als een advocaat en wij schrikken dan een beetje als ze zich zoals een 2jarige betaamt volledig overgeeft aan een koppigheidsaanval waar alleen nog “NEEN” en “NU!” de lucht vullen. Met haar 97 cm is het ook niet zo moeilijk te vergeten dat ze nog “klein” is en we zijn dan ook sneller geneigd haar “tutte” en “bébé” af te pakken hoewel ze er nog zo een troost uit haalt. Als ik haar ’s avonds voor het slapengaan nog even over haar hoofdje streel en fluister “hou van je muizeke” en zij haar in haar slaap nog even flonkt uitgestrekt met haar vuistjes nog naast haar hoofdje en meestal met blote buik verbaas ik er mij telkens over dat ik tussen haar lange blonde haren in haar slapende gezichtje nog zo haar babyhoofdje zie.

En gisteren werd ze geboren en over 6 dagen stapt zij de schoolpoort binnen en zij, zij is daar klaar voor en ik nog belange niet

Broederlijk delen

“SAMEN SPELEN SAMEN DELEN” klinkt er regelmatig door ons huis al kan het ook “samen delen samen spelen” zijn want echt duidelijk klinkt het niet. Feitelijk klinkt het meer als “samen stelen samen stelen” maar gezien de context twijfel ik aan deze laatste versie.

Uiteraard is het ook steeds degene die zich om een of andere reden benadeeld voelt die zich op deze keiharde-kleuterwet beroept.

Als de andere volgens de andere een grotere bal heeft of net dat kleurtje potlood dat (uiteraard) de andere nodig heeft of als de andere net iets trager zijn snoep heeft opgegeten en het dus LIJKT alsof die meer heeft dan roept de “benadeelde” luidkeels “SAMENSPELESAMEDELE” (of zoiets dus)

wat, soms succes heeft en al even vaak degene die ter orde geroepen wordt minstens even luid laat teruggillen “NEENDAISFANMIJE” (de dochter en de “fanmij” klinkt verdacht veel op de meeuwen uit finding nemo) of “MAGIJHEBTOOK” (de zoon)

Waarna er lustig verder getrokken geklopt gegild en gebleit wordt en meestal de mama of de papa als scheidsrechter word opgeroepen wat zowiezo tot een nieuwe gilpartij leidt bij degene die zijn gelijk niet haalt.

dus wat ons betreft laat dat delen maar, veel rustiger

het is een schat

ik zeg het niet vaak en vaak heb ik kritiek op hem meestal zelfs onterecht. Maar het is gemakkelijk ntl kritiek te hebben op iemand die dicht bij jou staat. Al besef ik ntl ook dat het een flauw excuus is.

Nochtans zegt hij elke dag dat hij van mij houdt nochtans vindt hij mij de mooiste vrouw van de wereld nochtans is hij er als ik hem nodig heb en knuffelt hij mij op tijd en stond hij troost mij als ik verdrietig ben veegt mijn tranen weg als ik huil lacht als ik moet lachen en verzorgt mij als een overbezorgde moederkloek als ik eens ziek ben. Nochtans is hij bezorgd als het niet zo goed gaat met mij of gewoon als ik met de wagen de weg op moet of zelfs als ik ga werken gewoon omdat hij niet bij mij is om me te beschermen. Zelfs als ik tegen hem roep en tier en brul dat hij weg moet gaan, blijft hij omdat ik nog steeds de vrouw van zijn leven ben.

en hij, hij is de man van mijn leven

hou van jou schat

dikke kus Snoes

nog meer misverstanden die de deur uit moeten

ik heb heel de dag in de tuin gewerkt en vooral een hoop dode takken door de hakselaar gejaagd.

Halverwege de namiddag ga ik de zoon-nummer-1 ophalen op school thuisgekomen gaan we via de poort binnen en jaag ik ham rechtstreeks den hof in want daar zit per slot van rekening oma.

ik kom achter hem aangeslenterd en hoor hem nog net verontwaardigd zeggen “Ség waar zijn al mijn ZWARTEN”

het moge duidelijk waren dat zij zijn zwaarden zoekt

int klein

“Ik ben geen reus hé mama” zegt de zoon-nummer-1

ik schud mijn hoofd

“maar ik ben wel een beetje groot, ma geen reus” vertelt hij verder

“wij hebben ook geen reus hé mama?”

wederom schud ik mijn hoofd en vraag mij af waar dit gesprek heen leidt

“neen wij hebben geen reuzen” mompelt hij duidelijk meer tegen zichzelf dan tegen mij

plots klaart zijn gezichtje op

“maar wij hebben wél Papa hé, en papa is wel groot geen reus maar wél groot” hij roept nu bijna van enthousiasme en plots uit het niets volgt er

“… en slim”